25/26 Sittard - Strabeek (23,0 km)

25/26 Sittard - Strabeek (23,0 km)
16 december 2014:

"Heb je dat zelf bedacht, of hebben anderen jou dat verteld...?" 

Na vandaag heb ik nog maar een luttele vijftien kilometer te gaan tot het eindpunt van het Pieterpad. Maar als ik ’s ochtends om half acht de trap afloop naar de keuken overvalt me de gedachte dat ik ook al zo’n 469 kilometer heb afgelegd. Met de aan –en uitlooproutes meegeteld zijn het zelfs 618 kilometer sinds de start op 3 juni. Gedurende de gebruikelijke ochtendhandelingen houd mij de gedachte bezig wat ik al die kilometers allemaal heb gezien, maar vooral ook heb overdacht. Het moeten honderden gedachten geweest zijn die mij op een of andere manier bezig hebben gehouden. Als ik m’n voeten aan het verwennen ben vraag ik mij af wat ik uiteindelijk heb geleerd van al m’n gedachten gedurende het Pieterpad. “Heb ik nieuwe ‘waarheden’ ontdekt? Heb ik ook antwoorden gekregen op de vragen die ik mij heb gesteld?”; zijn de nieuwe vragen die in me opkomen. Ik neem mij voor om vandaag wat na te denken over ‘waarheden’ en ‘antwoorden’. Hierbij sluipt het besef bij me binnen dat dat geen gemakkelijke opgave is. “Laat ik het maar proberen.”; besluit ik enigszins voorzichtig.

De eerste waarheid, een ‘waarheid als een koe’, is dat ik vandaag via ‘de poort van Zuid-Limburg’, Sittard, ‘mijn vaderland’ binnenwandel. Gekleed met een wat dikkere jas stap ik om even over half negen in de trein richting Heerlen. Daar stap ik over op de trein die mij naar ‘de poort’ brengt. Ik groet nog snel een collega en zoek een rustig plaatsje in de stilte-coupé. Al snel blader ik wat door m’n Pieterpadboekje, om de eerste kilometers door het Zuid-Limburgse land in mij op te nemen. Hoewel ik de meeste wegen en paden van vandaag al weleens bewandeld heb zullen er altijd wel verrassingen in het parcours zitten. “Met de regen van de afgelopen dagen zal het zeker weer hier en daar ‘glibberen’ worden.”; vrees ik lichtjes. Om iets over negenen stap ik het stationsplein op aan de voorzijde van station Sittard. Op het bekende stukje ‘werkterrein’ maak ik m’n eerste ‘selfie’ van de dag. Vanaf het plein wandel ik direct het centrum van de stad binnen en verwonder mij al meteen over ‘De Zittesje Sjnaak’, die nogal ongegeneerd z’n blote kont laat zien. Opnieuw ontgaat mij de kunstzinnige gedachte achter deze ‘tango van het blote kontje’.

Het grote marktplein van de stad is omgetoverd tot een ‘feeëriek’ kerstschouwspel, met als trekpleister het grote reuzenrad dat boven de gebouwen uittorent. Zelfs de grote statige St.Petruskerk valt erbij in het niet. Ik bekijk nog wat andere kunstzinnige items rondom het plein en zet via de ‘Pretzels Corner’ koers naar de bekende ‘Kollenberg’. Onderweg ernaartoe passeer ik het bezinningshuis ‘Regina Carmeli’. “Nou, heel toepasselijk.”; fluister ik, als ik mij herinner dat ik wil nadenken over ‘waarheden’ en ‘antwoorden’. Als ik het straatje van de ‘Kollenberg’ opwandel passeer ik het aankondigingsbord van ‘De Zeven Voetvallen’, ‘De Hof van Olijven’ en ‘De St.Rosa Kapel’. Het zijn de voorbodes van een pelgrimspassage die uitnodigen om ons te bezinnen. Op de licht steigende helling van de Kollenberg gaat mijn wandeltempo als vanzelf omlaag en werp ik al wandelend links van me een korte blik op de eerste twee ‘Voetvallen van Jezus’. Bij de derde ‘Voetval’ blijf ik plotseling stilstaan. Het is het moment dat Jezus voor Pilatus verschijnt. En ik herinner mij, vanuit de Bijbel, het gesprek tussen beide personen. Voor mij het ultieme gesprek over ‘waarheid’. Als Pilatus aan Jezus vraagt of Hij de Koning der Joden is, vraagt Jezus; “Heb je dat zelf bedacht, of hebben anderen jou dat verteld?” En daarmee zit Pilatus in de ‘spagaat’. Hij redt zich min of meer uit de situatie door aan Jezus te vragen; “Wat is waarheid?” Wat daarna gebeurde is tegenwoordig te zien in de vele ‘kruiswegen’, zoals de ‘Zeven Voetvallen’ hier langs de ‘Kollenberg’.

Achter de vraag van Jezus: ‘Heb je dat zelf bedacht, of hebben anderen jou dat verteld?’ gaan de vele waarheden schuil zoals daar nu veel mensen mee omgaan. Met andere woorden: we horen iets en we nemen het direct voor waarheid aan, zonder zelf moeite te doen eerst een en ander te onderzoeken en zelf een beeld te vormen. Door ‘aannames’ zijn vele relaties en vriendschappen stukgelopen, ja zelfs complete levens verwoest. Het is mijn trieste waarheid dit te moeten ontdekken en een ernstige waarschuwing om dat nooit te laten gebeuren. Ik volg verder ‘De Zeven Voetvallen’ tot aan de ‘St.Rosa Kapel’. Een mooie statige kapel tegen de hellingen van de Kollenberg. Bij de ‘Hof van Olijven’ sta ik nog even stil bij de beeltenis van een biddende Jezus. Het is een prachtige weergave dat ook wij het zonder ‘hulp van boven’ niet alleen kunnen, zeker als je beseft dat zelfs Hij het gebed nodig had om de lijdensweg te kunnen gaan.

Via het ‘Memoriebos’ trek ik over de Kollenberg het leefgebied binnen van het bekende hamstertje de ‘Korenwolf’. Een klein beschermd diertje dat in Zuid-Limburg de ‘milieu-gemoederen’ al jaren stevig bezighoud. De eerste modderpaden kruisen mijn weg en binnen anderhalve kilometer zitten m’n schoenen al flink onder de blubber. Na een haakse bocht naar rechts passeer ik de gebouwen van de ‘Stichting Pergamijn’. Aan de voorzijde van het voormalige klooster, dat van origine een land –en jachthuis is, staat een levensgroot naambord. Daarop staat de slogan ‘Stichting Pergamijn kleurt je leven’. Misschien is dát wel de grote vraag die mij het hele Pieterpad heeft beziggehouden: ‘Wat kleurt mijn leven?’, of meer nog: ‘Hoe kleur ik mijn leven?’ En misschien is het wel de ultieme vraag van ieder mens die aan deze beide vragen vasthangt: ‘Wat is de zin van (mijn) het leven?’ Deze laatste is waarschijnlijk de grootste zoektocht gedurende zijn leven van ieder mens. En velen zullen het antwoord op die vraag wellicht nooit krijgen. Voor mij echter is de zin van mijn leven dat ik m’n bestemming vindt, in ‘De Tuinman’ die mij laat genieten van al het moois in ‘Zijn Tuin’. Die mij leert met respect, vriendschap en liefde  om te gaan met mijn naasten, hoe moeilijk dat soms ook is. Deze waarheid mag ik teruglezen in mijn ‘Tuingids’ waar staat: ‘Er zijn drie dingen die blijven: Geloof, hoop en liefde. Maar de liefde is het voornaamste.’

Na een korte klim over een asfaltweg bereik ik het buurtschap ‘Windraak’. Ik doe mij daar niet tegoed aan het ‘geneeskrachtige water’, want de drenkplaats maakt een niet al te propere indruk. Langs fraaie Limburgse vakwerkhuisjes en een ‘spiedende zwarte kat’ vervolg ik mijn weg richting de ‘Wanenberg’. Het is een mooi bosgebiedje waar ik wat klimwerk krijg voorgeschoteld. Vlak voor de passage van de ‘Heemtuin’ heb ik een mooi panoramisch uitzicht op ‘Munster-Geleen’. Via een steile trap daal ik af en passeer de Heemtuin waar ik aan de rand van het bos twee houten uilen bewonder die zijn uitgekapt in een bestaande boom. Aan het eind van een korte holle weg sta ik oog in oog met een prachtige ‘zilveren reiger’. En opnieuw ben ik zo blij als een kind, als ik het resultaat van mijn telefoto aanschouw.

Langs de flanken van ‘Lippenberg’ toont ‘mijn vaderland’ zich van zijn mooiste kant, als de zonnestralen het groene weidelandschap voor me strelen. Ik voel zowaar de warmte van de zon in m’n gezicht. “Wat ben ik toch een bevoorrecht mens.”; mijmer ik zachtjes voor me uit. Ik bereik het kleine plaatsje Puth en wandel langs de kerk via de panoramaweg het dorp weer uit, op weg naar ‘Kasteel Terborgh’. Ooit ‘pikten’ we tijdens een personeelsuitstapje een terrasje bij de brasserie van het kasteel. En ik bedenk dat ook dit een mooie waarheid is voor ieder mens. Het koesteren van onze mooie herinneringen, die ons bemoedigen en helpen te kijken naar wat goed is geweest en je mag vasthouden. Hiermee kom je in de gelegenheid ook te ontdekken wat niet goed was en geeft het je de kans jouw leven die zin te geven zoals het is bedoeld. En ook hier blijft de liefde overeind, boven alles.

De zon kleurt ondertussen mijn ‘vaderland’ in de meest prachtige herfsttinten. Het water van de ‘Geleenbeek’ weerspiegelt zich als een kerstslinger door het groene landschap. “Ik mis alleen nog wat kerstballen.”; glimlach ik zachtjes. Over een dikke bladerdeken trek ik het ‘Geleenbeekdal’ in. Aan de rand van het ‘Stammenderbos’ heb ik een zonnig uitzicht over het beekdal. Voorbij een retraitehuis neem ik het fraaie landschap nog een keer diep in me op, alvorens, via het station, Spaubeek te bereiken. Een bemodderd graspad brengt mij naar de ‘Heggerweg’ waar ik begin aan een lange klim over een typische Zuid-Limburgse holle weg. De zeker anderhalve kilometer steile klim eindigt aan de achterzijde van het kleine vliegveldje van de plaatselijke modelvliegtuigvereniging. De boerenakker ligt bezaaid met plassen water waar ik met moeite kan passeren.

Na een korte afdaling wandel ik het buurtschap ‘Terstraten’ binnen waar ik langs héle mooie Limburgse vakwerkhuisjes trek. Voorbij een evenzo typisch Limburgs wegkruis steek ik de smalle ‘Platsbeek’ over om via de ‘Brandtweg’ in landgoed ‘Puttersdael’ terecht te komen. Leunend op een ijzeren poort neem ik even rust en neem de rust van de grazende schapen in me op. En opnieuw ontdek ik een van de waarheden die ieder mens nodig heeft,….. rust! Maar al te vaak zie ik dat mensen de waarheid van ‘rust’ aan hun laars lappen. Ik heb al zoveel mensen ontmoet die dachten hun leven wel te ‘runnen’ zonder de nodige rust. Ze gingen er allemaal aan onderdoor. De ‘Tuinman’ heeft ons niet voor niets een dag om te rusten gegeven, want Hij wist dat wij mensen niet zonder rust kunnen. Ik neem de waarheid van ‘rust’ serieus, zodat ik ook echt kleur kán geven in en aan mijn leven.

Voorbij het buurtschapje ‘Helle’ en de passage van het dorpje ‘Aalbeek’ wandel ik over een plateau richting ‘Schimmert’. Langs een rij dikke bomen zie ik de voormalige watertoren van het dorp aan de horizon verschijnen. In een vaal zonnetje torent ook de kerktoren van het dorp boven de akkers uit. Na Schimmert bereik ik bij ‘Groot Haasdal’, naast ‘Kasteel Billich’, het hoogste punt van het Pieterpad op zo’n 130 meter hoogte. Het pad langs het kasteel voert mij tot het bovenste topje van het bekende Limburgse ‘Ravensbos’. Al tientallen keren heb ik dit ‘Ravensbos’ doorkruist, maar toch is het iedere keer weer anders en nieuw. Die gedachte leert mij de waarheid van het ontdekken van nieuwe dingen. Nieuwe uitdagingen aangaan in ons leven zorgt ervoor dat je ‘fris’ blijft en niet gaat vastroesten in je eigen vaste patronen. Ook hierin heb ik mensen zien vastlopen, die zich verschuilden achter de geraniums of ‘social media’, zoals dat zo mooi heet. Ik heb zelfs mensen een eenzame dood zien sterven, is dat niet triest? Ook al loopt je leven niet altijd zoals je wilt, blijf, ook binnen je vertrouwde omgeving, zoeken naar iets nieuws, naar nieuwe vriendschappen, zoals ze zijn bedoeld. Daarmee kleur je jou leven én dat van anderen.

Bij de uitlopers van het ‘Ravensbos’ wandel ik langs de mooie ‘Ravenbeek’. Een rustig stromend beekje temidden van het prachtige Limburgse groen. Via een houten bruggetje steek ik het beekje over en bereik via een korte verkeersweg het eindpunt van de etappe in Strabeek. Vlakbij de rotonde van het gehuchtje maak ik nog een ‘selfie’ en begin met de uitlooproute van 1,3 km naar het station van Valkenburg. Om iets over half drie in de middag maak ik de laatste ‘selfie’ van de dag aan de voorzijde van het oudste nog in gebruikzijnde station van Nederland. In de brasserie van het station neem ik een heerlijk pilsje ter afsluiting van de etappe. In stilte kijk ik al vooruit naar de laatste etappe op eerste Kerstdag. Mijn gedachten dwalen echter ook af naar de antwoorden die ik zo graag had gehad, maar niet heb gekregen. Merkwaardig genoeg is het antwoord op die vraag ook weer een waarheid die ik niet kan ontkennen. “We hoeven niet alles te weten.”; is het antwoord. Ook al leren we heel veel van onze levenservaringen, we kunnen niet alles weten. Maar wat je weet en wat je leert mag je doorgeven aan de volgende generaties, als je maar bij de waarheid blijft. Wat is die waarheid? Geloof, hoop en liefde. En bovenal de liefde. Ik mag het allemaal terughoren in het lied “The Answer” van Don Williams. En ik besluit de dag dat ik alweer iets nieuws heb ontdekt….

 

volgende etappe >>